Tandenflosser als vaccin-applicator: mucosal respons beter dan sublinguaal
Onderzoek toont aan dat het tandsulcus een potentieel vaccinatiedepot is, met directe implicaties voor de rol van mondzorgprofessionals in toekomstige vaccinatieprotocollen.
Onderzoekers van North Carolina State University hebben een vaccinatiemethode getest waarbij vaccin via tandfloss wordt aangebracht op het junctionele epitheel, de dunne weefsellaag in de diepste zone van de tandzakjes. Dit weefsel mist de barrièrefunctie van andere epithelen en is daardoor permeabel voor vaccin-antigenen. Omdat het een mucosale laag is, stimuleert toediening hier antilichaamproductie zowel in de bloedbaan als op mucosale oppervlakken zoals het neusslijmvlies en de longen. Bij muizen die een peptide-griepvaccin via het junctionele epitheel kregen, was de mucosale antilichaamrespons duidelijk sterker dan bij toediening onder de tong, de huidige standaard voor orale vaccinatie. De respons was vergelijkbaar met die van nasale toediening, maar zonder het risico dat vaccin de hersenen bereikt. De methode werkte ook bij eiwit-, geïnactiveerd-virus- en mRNA-vaccins. In een aanvullend onderdeel van het onderzoek vroegen de onderzoekers 27 proefpersonen om met een flosser met fluorescerende voedingskleurstof te flossen. Ongeveer 60% van de kleurstof belandde in het tandsulcus, wat toediening via een flosser haalbaar maakt. De methode werkt niet bij zuigelingen en peuters zonder tanden, en de effecten bij patiënten met parodontitis of andere orale infecties zijn nog onbekend. Het onderzoek is gepubliceerd in Nature Biomedical Engineering.